
Mijn septemberagenda kreeg ineens honger
Over een lege augustus die volloopt, en de mij-tijd die als eerste wordt opgegeten
In augustus was mijn agenda één en al opluchting. Witte vakjes zover ik kon scrollen, ruimte, lucht. Ik keek ernaar zoals je naar een net opgeruimde kast kijkt, met een klein beetje trots dat nergens op slaat. En toen scrolde ik aan de eettafel door naar september.
Vol. In een paar dagen tijd volgelopen, alsof iemand mijn lege plekken had geroken en er meteen op af was gekomen. Het ene blokje na het andere, netjes tegen elkaar aan, als auto's op een parkeerplaats vlak voor sluitingstijd. Waar was die lucht gebleven? Opgegeten. Mijn agenda had honger gekregen, en hij was niet kieskeurig.
Ik had nog zo netjes een ochtend voor mezelf geblokt. Eén ochtend maar. Een blokje mij-tijd, met een kleur en al, zodat het serieus zou lijken. Die was als eerste weg. Er kwam iets overheen dat echt niet anders kon, en voor ik het wist zat mijn eigen ochtend eronder alsof hij er nooit had gestaan.
Dus verplaatste ik hem. Naar de vrijdag. Daar was nog een gaatje, dacht ik. Binnen een dag landde er iets bovenop dat ook al niet kon wachten. Ik schoof mijn mij-tijd nog een keer, naar een uur dat niemand leek te willen hebben, en zelfs daar wist iets me te vinden.
Op dat punt had ik door dat ik zat te onderhandelen met mijn eigen agenda. Alsof het een lastige klant was die maar geen nee accepteert. Ik deed voorstellen, hij deed tegenbiedingen, en op de een of andere manier trok hij aan het langste eind. Terwijl het mijn agenda is. Ik heb hem zelf gemaakt. Ik zou de baas moeten zijn en toch stond ik te bedelen om een uurtje voor mezelf in mijn eigen week.
En eigenlijk wist ik allang wat er speelde. Een lege plek voelt voor mij als een uitnodiging om hem te vullen. Alsof leegte iets is wat opgelost moet worden. Maar die ochtend die ik voor mezelf had bewaard was niet leeg. Er stond juist iets belangrijks in, namelijk niks. En dat niks was het eerste wat sneuvelde, omdat het zich het makkelijkst liet wegduwen.
Op de mat oefen ik ook om de pauze net zo serieus te nemen als de inspanning. Dat het moment tussen twee houdingen niet zomaar opvulling is, maar er echt toe doet. De stilte tussen twee dingen doet ook wat. Rust die ik niet vastzet, verdampt gewoon. Een pauze blijft niet vanzelf over aan het eind van de dag. Die zet ik neer, net zo hard als ik een afspraak neerzet, anders eet september hem zo weer op.
Dus ik heb dat blokje teruggezet. Met kleur. En deze keer verdedig ik het alsof er wel degelijk iemand op me wacht. Want dat is ook zo. Ik.
Relax, lach & blijf vooral genieten, Sandy

