
De thermostaat en ik doen wie het langst volhoudt
Over 2 vesten en een principe dat het koud heeft
Het is eind oktober en ik zit op de bank in 2 vesten, met een plaid tot aan mijn kin en een mok thee die ik niet opdrink, omdat ik hem als kruik gebruik. Koud heb ik het niet hoor, ik heb het alleen heel erg aangekleed.
De thermostaat staat nog op de stand van augustus en daar blijf ik vanaf. De verwarming aanzetten in oktober voelt voor mij namelijk als verliezen, al zou ik niet precies kunnen zeggen van wie. Van de winter waarschijnlijk, of van de zomer die ik officieel nog niet heb opgegeven.
Pinguïn met een plaid
Dus komt er elke dag een laagje bij. Het begint onschuldig met sokken. Dan een vest, en over dat vest nog een vest, zodat ik als het Michelinmannetje naar de waterkoker waggel. Mijn armen kunnen inmiddels niet meer helemaal langs mijn lijf, die staan een beetje uit, als bij een pinguïn die iets wil uitleggen. De plaid gaat overal mee naartoe, ook naar de wc, en dat is met zoveel stof een hele onderneming. En 's avonds op de bank steekt alleen mijn neus er nog uit. Die heeft het zwaar, want dat is de enige van ons die nog buiten woont.
Zo zit ik daar, ingepakt als een rollade, en ik voel me behoorlijk kranig, winterhard zelfs. De thermostaat hangt ondertussen aan de muur en zegt niks. Dat hoeft ook niet, hij weet allang dat hij gaat winnen. Hij heeft tot maart de tijd en ik heb nog maar 1 vest over.
Op weg naar het brons
Om kou gaat het eigenlijk al lang niet meer. Het is een principe geworden, en een principe kun je heel goed aankleden. Elke laag erbij voelt als een kleine overwinning, zo van: kijk mij eens niet stoken. Alsof er een jury door de straat loopt die punten geeft voor oktober zonder verwarming, en ik dit jaar eindelijk kans maak op het brons.
Zonnegroeten als kachel
Tot ik mezelf betrap. Ik sta zonnegroeten te doen in de woonkamer, in 2 vesten, en écht niet omdat ik zo'n zin heb in yoga, maar omdat ik het koud heb. Na een paar rondjes gaat het eerste vest uit en even later het andere ook. Het probleem was daarmee gewoon opgelost, terwijl mijn hoofd nog stond te onderhandelen met een apparaatje aan de muur.
Tijdens zo'n zonnegroet vraag ik me af waarom ik dit eigenlijk doe. Volhouden voelt flink, zo van: niet zeuren, gewoon doorzetten. Maar als ik heel eerlijk ben, heeft dit weinig met kracht te maken. Het is een gewoonte die ik nooit heb nagekeken. Zonder dat ik het heb gemerkt is "de verwarming zo lang mogelijk uit" een soort wedstrijd geworden. En ik weet niet eens meer wie die ooit heeft uitgeschreven.
Ik verwar ongemak wel vaker met karakter. Volgens mij ben ik daar trouwens niet de enige in. Dat je iets ongemakkelijks volhoudt, zegt lang niet altijd dat je sterk bent. Soms zegt het alleen dat je vergeten bent te vragen waarvoor je het ook alweer deed.
Een yogales begint meestal ook met een warming-up. Zodra je je lijf laat bewegen, maakt het zijn eigen warmte. Dat wist mijn lijf dus allang, alleen had mijn hoofd nog een principe aan, over die 2 vesten heen.
Wapenstilstand met de thermostaat
Vanavond mag de verwarming misschien wel aan. Of ik doe eerst nog een rondje zonnegroeten, dat werkt ook prima. Het verschil met vorige week is dat ik nu weet waaróm hij uit staat. Zolang dat een keuze is, mag hij uit blijven. Wordt het een wedstrijd, dan zet ik hem aan. Er is namelijk helemaal geen erepodium, sterker nog, er is niet eens een jury.
Relax, lach & blijf vooral genieten, Sandy



